Steun ons en help Nederland vooruit

donderdag 30 juni 2022

Joris Backer over de staat van de rechtsstaat

We moeten zuinig zijn op onze rechtsstaat. Vooral op onze democratische rechtsstaat, aldus D66-Senator Joris Backer tijdens het debat over de staat van de rechtsstaat. De oorlog in Europa laat zien dat deze strijd niet alleen gaat over militaire macht en grondgebied, maar ook over autocratie tegenover democratie. Er staat dus veel op het spel voor Nederland.

Financiering van de rechtsketen

Het is niet de eerste keer dat D66 zijn zorgen uitspreekt over de tekortschietende financiering van de rechtsketen. Het tekort aan capaciteit en financiering zorgt al jaren voor problemen. Interventies voor digitalisering zijn grotendeels mislukt, de sociale advocatuur is afgeknepen en er is een nijpend tekort aan kantonrechters. Backer: “Om zuinig te zijn op de rechtsstaat moet je juist geld uittrekken voor de rechtsstaat. Dat klinkt tegenstrijdig, maar is het niet.” De D66-fractie verwelkomt daarom de trendbreuk waarmee dit kabinet voor het eerst meer geld beschikbaar stelt voor de hele rechtsketen.

Continuïteit van de rechtsbescherming

De samenleving is nog maar nauwelijks bekomen van de psychologische, financiële en logistieke gevolgen van de coronapandemie. Die heeft ook grote gevolgen voor de rechtsbescherming van Nederlanders, bijvoorbeeld vanwege personeelstekorten in de rechtspraak. Dit zorgt voor een afnemende continuïteit van de rechtsbescherming. Buurtrechters kunnen de afstand tussen burger en overheid verkleinen en het vertrouwen vergroten. Senator Backer vroeg de minister daarom om de experimenten met buurtrechters uit te breiden. Ook riep hij de minister op om de relatie tussen de regering en de sociale advocatuur te herstellen.

Wetgeving als kernactiviteit

Goede wetgeving is de kern van de activiteiten van het ministerie van Justitie en Veiligheid én van de Eerste Kamer. Senator Backer vroeg onder andere aandacht voor de invoeringstoets en multidisciplinaire teams om de uitvoering en uitwerking van wetgeving te bevorderen. Hij uitte zijn zorgen over de kwaliteit van wetgeving, waar het ministerie van Justitie en Veiligheid verantwoordelijk voor is. De Eerste Kamer deelde deze zorgen: zijn motie om de positie van het ministerie in kabinetsbeleid te versterken en zo de kwaliteit van wetgeving te verstevigen, werd met brede steun aangenomen.